Uitgave van de Protestantse Gemeente Zoetermeer

VRIJWILLIGER IN HET LANGELAND ZIEKENHUIS

Ruim dertig jaar ‘ziekenhuiskerk’




VOORRECHT De vrijwilligersgroep voor de kerkdiensten in het LangeLand Ziekenhuis in Zoetermeer was een goed geoliede machine. Wij zijn indertijd gevraagd door andere gemeenteleden en hebben hier niet lang over na hoeven denken. Het is mooi als je Gods Woord mag helpen verspreiden onder zieken, die misschien juist die troostende woorden op dat moment nodig hadden.

Er waren twee vrijwilligersgroepen, de zaterdaggroep en de zondaggroep. De zaterdaggroep ging langs alle kamers om te inventariseren welke patiënten geïnteresseerd waren om zondag de kerkdienst bij te wonen. Het kon dan zomaar zijn dat de ronde langs de bedden behoorlijk uitliep, omdat een patiënt behoefte aan een gesprek had. Was je te ziek om met bed of rolstoel naar de kerkzaal te komen, dan kon je ook op de kamer via de ziekenhuisradio de kerkdienst volgen. 
Er was om de week een katholieke of een protestantse dienst, veelal voorgegaan door de in het ziekenhuis werkende geestelijke verzorgers. Daarnaast waren er gastvoorgangers en die namen soms een koor uit hun eigen parochie mee. Bij katholieke diensten werden de hosties naar de patiënten die op de kamer verbleven gebracht. Met de feestdagen was er extra aandacht voor de patiënten en waren de kerkdiensten aangepast. 

De zondaggroep bestond uit circa vijftien personen per dienst: iemand voor de radio-aansluitingen, een ouderling en een diaken, een organist of pianist en de mensen om de patiënten op te halen. Op elke afdeling hing een lijst met de namen en de kamernummers van de patiënten die zich hadden opgegeven. De verpleging wist zo altijd precies wie er naar de kerkdienst was. Voor de patiënten de zaal verlieten werd alles onderworpen aan een controle, of er nog voldoende zuurstof was en vloeistof in de infuusfles. Twee begeleiders per bed, één per rolstoel, één of twee voor een lopende patiënt. 
Voordat de patiënten werden gehaald werd de kantine in een kerkzaal omgetoverd. Meubilair verdween keurig achter een gordijn, de vloer werd geveegd, stoelen klaargezet. Een tafel werd klaargemaakt met een bloemstuk, zaken voor de eucharistieviering, enzovoorts. Natuurlijk was er een spreekgestoelte voor de voorganger, een kaars ... het zag er perfect uit. 
In de kerkzaal werden de patiën­ten allerhartelijkst ontvangen. ‘Wilt u misschien een glaasje water’ of ‘heeft u het koud en wilt u een extra dekentje’ en ‘er komt straks iemand naast het bed zitten’. Ondertussen werden de infusen aangesloten en de liturgieën uitgedeeld. De patiënt voelde zich op zijn of haar gemak, dat voelde je als vrijwilliger gewoon.
Na afloop was er nog de gelegen­heid om wat woorden met de voorganger te wisselen en 
eenmaal weer in de kamer wist men niet hoe ze ons moesten bedanken; of er volgde nog een gesprekje, het kon allemaal. 

De kerkzaal werd weer kantine, attributen werden opgeborgen, koffie, thee en koekjes kwamen op tafel en de vrijwilligers hadden even tijd voor een gesprek. Een hechte club mensen die iets voor elkaar over hadden en zeker voor de patiënten. Ons jaarlijks uitje was dan ook altijd een feest. Het was een voorrecht om van deze club vrijwilligers deel te mogen zijn. 
Het trieste is dat er nog nauwelijks vraag naar was om een kerkdienst te bezoeken en Covid-19 heeft waarschijnlijk de nekslag gegeven. De patiënten zullen het doordeweeks nu moeten doen met de geestelijk verzorgers van het ziekenhuis, die zijn er gelukkig nog wel. Op 8 maart 2021 heeft de ziekenhuiskerk de deuren moeten sluiten. 

Jacqueline en Steven de Frel
OOSTERKERK ZOETERMEER